maandagavond


‘Zullen we maandagavond afspreken?’ vroeg ik m’n broer. ‘Goed,’ zei hij, ‘maar m’n lief blijft slapen, dus we moeten een andere slaapplek voor je regelen.’ ‘Ik zet m’n fiets wel op HS, dan kan ik nachtnetten,’ antwoordde ik. En zo geschiedde.

Ik liep het huis van de broer binnen, schrok ineens van het feit dat er vier onbekenden zaten te worstelen met tacoschelpen en dat ik dus alleen broer en lief van broer kende. Snel handjes gegeven, voorgesteld, wijntje gekregen en let the party begin. Er was een collega van de broer. En twee studiegenoten van de collega. En dan nog een vriend van een van de studiegenoten van de collega van de broer. Er werd gelachen, er werd nog meer gelachen, er werden flauwe grappen gemaakt, harde opmerkingen en een half gevecht om het toetje volgde. Er schijnt ergens een foto van te zijn. Een van de studiegenoten van de collega van de broer wist samen met me een aantal goede opmerkingen te plaatsen. We babbelden goed. Hij aan de ene kant van de tafel, ik aan de andere kant. Het was erg grappig. Broer en de vriend van een van de studiegenoten van de collega van de broer haalden gitaren tevoorschijn en speelden nog wat liedjes. Toen zagen de studiegenoten van de collega van de broer op hun kekke smartphones een feestje en dat ze daar wel of niet heen konden. En ik dacht ‘jammer. Die ene leukerd is dus met dat leuke meisje een setje. Spijtig!’ Wat me verbaasde, aangezien er de hele avond niets flirterigs was tussen die twee. Maar hey, dat kan allemaal natuurlijk.

Eenmaal in de kroeg vroeg ik naar de linkjes tussen iedereen. ‘Oh,’ zei de broer, ‘da’s simpel. Je hebt mijn collega. En dan die twee studiegenoten van de collega. En die vriend van de studiegenoten van de collega is eigenlijk een soort van scharrel van die studiegenoot van de collega.’ ‘Oh?’ oh’de ik. ‘En die andere studiegenoot van je collega dan?’ Ik kreeg een ongelooflijk dikke knipoog van de broer. ‘Ja, zussie, da’s nou die taxichauffeur die nog langs zou komen toen je hier de vorige keer zat met A.’ Ach so. De taxichauffeur. Wie kent ‘m niet? De chauffeur en ik kregen het over van alles en nog wat. En zaten daarna samen in de trein. En fietsten samen naar huis. En vanmorgen ontbeten we samen op het station.

En een uurtje geleden, toen de grijns nog steeds grijnsde zoals alleen Cheshire-cats kunnen, bedacht ik me dat het een ouderwetse avond geweest is, zoals dat alleen maar kan als de broer er een handje in heeft (wat hij duidelijk had, bekende zowel hij als de taxichauffeur). En dat de ex een vieze vuile vliegende vinkenteringhekel heeft aan taxichauffeurs. En dat ik nu wat genuanceerder over deze beroepsgroep kan denken.

Op naar de volgende mooie avond.

Comments
blog comments powered by Disqus