irritatie in 2012
Het was nooit makkelijk om te communiceren met hem, maar even voor de kerst brak mijn klomp. We hadden half half afgesproken dat ik bij hem zou komen eten, maar ik was ingehaald door de realiteit en was gesloopt door de drukte in de winkel, want hey, december, dan is het druk. Dus ik smste hem de dag ervoor. ‘Sorry, trek het niet, moe, wil slapen. In het nieuwe jaar nieuwe poging?’ en het bleef (niet geheel onverwacht) stil.
Ineens een mailtje in de mailbox. ‘Stom, foon vergeten bij vriend in het buitenland, ben nu alleen per mail bereikbaar!’ Dus ik mailde. ‘Sorry, trek het niet, moe, wil slapen. In het nieuwe jaar nieuwe poging? Had je gesmst, maar dan nu ook via mail. En om het goed te maken zal ik voor je koken op datum X.’ Geen reactie. Ik haalde m’n schouders op, voelde me toch ergens wat schuldig, en ging werken.
De dag nadat we in eerste instantie afgesproken hadden lag er ineens post in de mailbox. ‘Jammer, ik had lekker gekookt voor je.’ Niets over datum X. Mijn haren gingen rechtop staan. Wat een laffe actie. Ik zocht raad bij A, die het ook maar stom vond. Ik mailde twee dagen later wat venijnig ‘Dus ik neem aan dat datum X ook niet doorgaat?!’ En daarmee was voor mij de kous af.
Klaar.
Geen reactie.
Ik zou ‘m vast nog wel eens zien op een feestje en dan was het goed, maar meer niet. Als er niet normaal gecommuniceerd kan worden, dan is het wat mij betreft gewoon einde oefening. Ik pruttelde nog wat tegen A. En besloot dat 2012 het jaar zou zijn dat ik geen tijd meer ging steken in mensen die mij alleen maar energie kostten.
En toen was het datum X. En zat ik in Utrecht in de stad te lunchen en daarna cadeautjes te scoren voor twee feestjes van mensen die ik niet of nauwelijks kende. Ik had een smsje. En een gemiste oproep. En dus nog een smsje omdat ik een gemiste oproep had. ‘Gaat vanavond nog door?’ Daahaag, dacht ik, zak er maar in! Ik reageerde niet en luisterde m’n voicemail uit pure dwarsheid niet af. En dat is best bijzonder, aangezien ik erg van het snelle reageren ben. Na afloop van de feestjes zag ik een mailtje in de mailbox. ‘Normaal gesproken reageer je altijd snel, nu niet. Ik neem aan dat het niet doorgaat?’ Ik pruttelde wat over dat er nu ineens wel communicatiemiddelen gevonden konden worden. Aai over de bol van de R. en klaar.
Fase negering (van het werkwoord negeren, niet van het zelfstandig naamwoord neger) ging in. Tot ik huppelend met S. door een museum hobbelde en S. gebeld werd. Of hij mij laatst gezien had, want degene aan de andere kant van de lijn kreeg me maar niet te pakken. Ik werd kribbig. Weigerde aan de foon te komen en legde S. alles uit. Die me wel gelijk gaf.
En ik bleek slecht te zijn in negeren. Stuurde een poeslief smsje. ‘Zie je bericht nu pas. Hoorde niets van je, dus ging ervan uit dat je niet kon.’ Punt. Einde. En natuurlijk geen reactie. Drie uur later wederom post in de mailbox. ‘Sorry, ik dacht dat ik je geantwoord had, maar de mail zat nog in mijn concepten. Ik had namelijk de dag vrijgehouden en kon dus naar je toekomen.’
Dag. Zonde van mijn energie. En met dit stukje sluit ik een hoofdstuk, dat me inmiddels al teveel energie heeft gekost.