Knijnberg
Toen ik zes was verhuisden m’n ouders met mij van Woerden naar het zuiden. Ik heb er veel van meegekregen, maar het mooiste is wel het verhaal over de keuze tussen twee huizen. Pap en mam hadden een mooi huis gezien in Heeze. In de Doortje van de Konijnenberglaan. En een mooi huis in Best. Aan een aanzienlijk kortere straatnaam. Pap was toen al een zeer praktisch ingesteld man en zag al helemaal voor zich hoe hij minstens 50 verhuisberichten moest gaan sturen. Door-tje-van-de-Ko-nij-nen-berg-laan. Maal 50. Hij kreeg acute RSI in z’n rechterhand. En dus viel Heeze af en werd het Best.
Prachtig verhaal, wat in het eggie nog mooier is dan typend op een blog. Het kwam ook regelmatig langs op verjaardagen bij familie en vrienden. Pap vertelt het smeuïg. En ik kan niet anders dan blij zijn dat het Best geworden is en geen Heeze.
Laatst had ik het erover met mam. Dat het toch wel een briljante reden is om ergens niet te gaan wonen. Omdat de straatnaam te lang is. Ik kan zomaar om die reden ergens niet gaan wonen. Mam kijkt me aan. Verbaasd. (Let wel: het is echt een paar maanden geleden, ik ben 30 op dat moment). ‘Joh,’ zegt ze. ‘Denk je echt dat we daarom niet in Heeze zijn gaan wonen?’ Ik knik.
‘Nee. Het was gewoon veel te duur!’
En daar ging weer een van de mythes uit mijn jeugd. Ik begin volwassen te worden, maar ik weet niet of ik het leuk vind.